geenfoto.gif
Claudia Van Der Sluis

Van Claudia van der Sluis zijn de volgende boeken bij uitgeverij Sjaloom verschenen:


Claudia vertelt over zichzelf:
'Ons gezin bestaat uit mijn zoon Sander, mijn vriend Jurgen, en mij natuurlijk, geboren 11-10-1963, en onze drie poezen, Pim, Fred en Floor. We hebben ook nog een hond, Prutske.
We wonen in Almere, in een huisje met een mooie, kleine tuin en we hebben het hier ontzettend naar onze zin, al zouden we best willen verhuizen naar een veel groter huis, want ondertussen wordt het wel erg vol. Mijn hobby is natuurlijk lezen. Daarnaast leg ik al meer dan tien jaar de Tarot waarmee ik vaak voor anderen de toekomst voorspel. Meestal komen de mensen bij mij uit nieuwsgierigheid en het is dan ook heel leuk als blijkt dat het klopt wat ik ze vertel. Wonderlijk genoeg komt negentig procent van wat ik voorspel uit. Ik snap het zelf niet en ik moet het ook maar niet uitleggen.
Verder hou ik van koken voor vrienden en familie en ben ik een filmfan. O ja, ik heb een goeie broer - met zwarte band Tae-kwondo, vandaar TAE KWON- en ontzettend lieve ouders, die alles voor San, Jur en mij doen. Ik heb een heel leuke jeugd gehad. Een belangrijk deel speelde zich af bij de Albert Cuypmarkt en het Sarphatipark in Amsterdam. Op straat spelen vond ik trouwens niks aan. Ik was een dun ding (zou je nou niet meer zeggen) met grote blonde paardenstaarten, sproeten, groene ogen en ontzettend lief. Ik speelde piano, reed paard en zat op ballet. Daarnaast was ik altijd aan het lezen, met mijn duim in mijn mond. Soms twee, drie boeken op een dag. Ik heb eens uitgerekend dat ik honderd pagina's per uur las en dan kon ik zelfs de kleinste details navertellen. Tijdens het lezen zat ik meestal onderuitgezakt in de stoel voor de open haard met twee grote bouviers aan mijn voeten (lekker warm) te lezen in alles wat ik tegenkwam. Die open haard mis ik soms nog weleens. (De honden ook trouwens, ze zijn al lang dood). In de zomer lag ik op het Zandvoortse strand of in het zwembad te lezen.
De jongensboeken van mijn paps waren veruit favoriet. Jan van Beek dus, de Artapapa's, Kruimeltje, Alleen op de wereld enz. En toen Tonke Dragt, waar ik alles van had, superspannend, en Thea Beckman en Selma Lagerlof en Astrid Lindgren en Enid Blyton. Je ziet het, meestal avonturenboeken.
Toen ik die jongens ontdekte, was het ineens afgelopen met pianospelen, ballet en paarden, en ook werd het lezen wat minder. Mijn vriendinnen werden belangrijker. Ik woonde nog niet zo lang in de buurt toen ik ze leerde kennen. Eerst vonden ze me een opmaaktrut met kapsones (helemaal niet waar!) en toen wilde ze ineens met me omgaan. Of ik mee wilde basketballen? Ik hield helemaal niet van basketballen! Maar goed. Die meiden leken me best eng. (Die kapsones van mij, dat waren gewoon zenuwen en verlegenheid, niks meer en niks minder.) De Mo uit Zeep! liep altijd met een heel dik teckeltje, type worstje, over straat. Achter haar aan liep een sliert kids, voornamelijk meiden, want Mo was populair. Met Mo en de Anja's, die in werkelijkheid natuurlijk anders heten, heb ik tenslotte een prima tijd gehad. Zo leuk dat ik mijn boeken soms helemaal vergat. De wereld in het echt was toen veel spannender, met die jongens en zoenen en de disco, geroddel en allerlei meidengeheimen. Volgens mijn moeder was ik de meest vreselijke puber ter wereld. Ik stond regelmatig met mijn koffer klaar om weg te lopen als me iets niet zinde. 'Je was altijd zo lief,' jammerden mijn ouders weleens. 'Waarom doe je toch zo tegen ons?'
Ik wilde gewoon doen waar ik zin in had en dat ze dat niet snapten, snapte ik weer niet.
Ik heb van alles gedaan in mijn leven, maar niks heel lang. Ik heb bij de Hema gewerkt, bij een slagerij, in een aantal restaurants als kok, in een pannenkoekenhuis in België, bij de PTT als telefoniste, als administratief medewerkster, op een automatiseringsafdeling, als schoonmaakster enz. Je kunt eigenlijk beter vragen wat ik níet heb gedaan. Het probleem met mij was dat ik eigenlijk alles leuk vond, maar nergens mijn draai kon vinden. Nu ben ik alweer een tijdje journaliste en dat is geweldig, want het is enorm afwisselend werk. Ik moet er veel voor reizen, ontmoet heel veel mensen en elke dag schrijf ik een stukje. Eén van de leukste dingen is wel dat ik een heleboel boeken toegestuurd krijg, vandaar ook dat we hier bijna uit ons huisje barsten, want al die boeken zijn uitgegroeid tot een flinke bibliotheek. Tien jaar geleden, nog voor ik journaliste was, besloot ik dat ik zelf ook een boek wilde maken, een avonturenboek.
Dat werd: 'De vloek van Dulle en Dimsa'.
Helaas, het verhaal ging nergens over, schrijven kon ik eigenlijk nog niet. En omdat schrijven het enige was wat ik écht wilde, maar ik niet goed wist hoe, begon ik aan een cursus bij Script+ en kreeg ik les van Claire Hülsenbeck, een fantàstisch mens!
'De vloek van Dulle en Dimsa' is er nooit gekomen, maar wel 'Zeep!' en ook 'Mijn vader is een wolkenman'. Nu ben ik bezig aan een nieuwe jeugdroman: 'Sperziebonen en Kousenband'.
Het voordeel van zoveel gedaan en meegemaakt hebben in je leven is dat je altijd wel iets te vertellen hebt, dus ik ben van plan om nog heel lang te blijven schrijven!'

Wil je meer weten over Claudia van der Sluis, surf dan naar haar website:
www.claudiavandersluis.nl